Skriebels

Oude Wijsheden voor een Nieuwe Tijd - Zoeken

Heilige Silvester I - 31 december

Heilige Silvester I

(† 335)
Paus
Patroonheilige van de huisdieren, de goede oogst en het nieuwe jaar

De Heilige Silvester werd geboren in Rome als zoon van Rufinus en Justa.
Nog voor het begin van de christenvervolgingen in 284 werd hij tot priester gewijd.
In januari van 314 werd hij de 33ste paus van de Rooms-katholieke Kerk.

Onder zijn pontificaat werd Constantijn I christen en riep het christendom uit tot staatsgodsdienst, waarmee de Kerk een stevige machtsbasis kreeg.

Dit leidde tot de 'Donatio Constantini', een oorkonde waarin Constantijn land schonk aan de Kerk en vermoedelijk aan Silvester, deze bleek later echter vals te zijn.

Verder stuurde de Heilige Silvester twee afgevaardigden, Vitus en Vincentius, naar het Eerste Concilie van Nicea waar het Arianisme werd veroordeeld en gebrandmerkt als ketterij.

Eveneens tijdens Silvesters pontificaat begon keizer Constantijn aan de bouw van de Sint Pieterskerk, de allereerste voorganger van de huidige kerk.

De Heilige Silvester I stierf in Rome op 31 december 335.
Zijn graf bevindt zich in de San Silvestro in Capite te Rome, een kerk die hij zelf had laten bouwen boven de catacomben van Priscilla.

Ook de plaatsen Feroleto Antico en Poggio Catino, beiden in Italië, vallen onder zijn patronaat.

De laatste dag van het jaar, de sterfdag van de Heilige Silvester, wordt vaak 'Silvester' of 'Silvesteravond' genoemd.

Oude volksgebruiken

Aan de allerlaatste kalenderdag van het jaar waren vroeger nogal wat volksgebruiken verbonden.
De meeste gebruiken zijn dooreengestrengeld en zonder onderscheid verspreid over de periode van de Twaalf Heilige Nachten, die eindigen op Dertiendag: het feest van Driekoningen.

Op oudejaarsavond gingen onze voorouders bij de buren aankloppen en zongen:

'Nievejaar, ouwejaar, ik wens U een gelukkig nieuwejaar!'

waarna er werd gegeten en gedronken.

In Munsterbilzen liepen de kinderen vroeger op Kerstdag, na de vroegmis, onder het roepen van 'Helen! Helen!' de voornaamste huizen af om appels of enige centen te krijgen. In het Luikse streekdialect noemde men een dergelijk nieuwjaarsgift 'un hèl'.

Een gebruik dat wel gelijkenis vertoont met het 'helen' is het rondhalen van het Godsdeel, refererend naar de 'tienden' of 'tiendebelasting' die door de Kerk werd geïnd voor het onderhoud van de geestelijken en de kerkgebouwen maar ook ten behoeve van de armen.

In Denderleeuw en omstreken riepen de kinderen op oudejaarsdag en op Driekoningenavond voor de deuren 'Goesjdiejel' en kregen dan één en ander, meestal wat geld.
Er werd meestal een nieuwjaarsliedje gezongen, soms begeleid door de rommelpot.

In Membruggen riepen de vrouwen op de ochtend van Driekoningendag 'Ons Herendeel, Ons Herendeel!' en wierpen de bedelzangers vanuit het raam een stuk van de koningskoek toe.

Weerspreuken

Silvesterwind met morgenzonneschijn,
geeft zelden goede wijn

Ik sluit het jaar en kom met niets dan kwaad op 't leste,
trek warme kleren aan, dat is voor elk het beste