Skriebels

Oude Wijsheden voor een Nieuwe Tijd - Zoeken

Bekering Apostel Paulus - 25 januari

Heilige Paulus bekering

Dit feest herdenkt de wonderbaarlijke bekering van de Apostel Paulus, zoals verhaalt in Handelingen van de Apostelen (9, 1-22):

1 Intussen bedreigde Saulus de leerlingen van de Heer nog steeds met de dood. Hij ging naar de hogepriester
2 met het verzoek hem aanbevelingsbrieven mee te geven voor de synagogen in Damascus, opdat hij de aanhangers van de Weg die hij daar zou aantreffen, mannen zowel als vrouwen, gevangen kon nemen en kon meevoeren naar Jeruzalem.
3 Toen hij onderweg was en Damascus naderde, werd hij plotseling omstraald door een licht uit de hemel.
4 Hij viel op de grond en hoorde een stem tegen hem zeggen: ‘Saul, Saul, waarom vervolg je mij?’
5 Hij vroeg: ‘Wie bent u, Heer?’ Het antwoord was: ‘Ik ben Jezus, die jij vervolgt.
6 Maar sta nu op en ga de stad in, daar zal je gezegd worden wat je moet doen.’
7 De mannen die met Saulus meereisden, stonden sprakeloos; ze hoorden de stem wel, maar zagen niemand.
8 Saulus kwam overeind, en hoewel hij zijn ogen open had, kon hij niets zien. Zijn metgezellen pakten hem bij de hand en brachten hem naar Damascus.
9 Drie dagen lang bleef hij blind en at en dronk hij niet.
10 In Damascus woonde een leerling die Ananias heette. In een visioen zei de Heer tegen hem: ‘Ananias!’ Hij antwoordde: ‘Ik luister, Heer.’
11 Daarop zei de Heer: ‘Ga naar de Rechte Straat en vraag daar in het huis van Judas naar iemand uit Tarsus die Saulus heet. Hij is aan het bidden,
12 en hij heeft in een visioen gezien hoe een man die Ananias heet, binnenkomt en hem de handen oplegt om hem weer te laten zien.’
13 Ananias antwoordde: ‘Heer, van veel kanten heb ik gehoord over deze man en over al het kwaad dat hij uw heiligen in Jeruzalem heeft aangedaan.
14 Bovendien heeft hij toestemming van de hogepriesters om hier iedereen die uw naam aanroept in de boeien te slaan.’
15 Maar de Heer zei: ‘Ga, want hij is het instrument dat ik gekozen heb om mijn naam uit te dragen onder alle volken en heersers en onder al de Israëlieten.
16 Ik zal hem tonen hoezeer hij moet lijden omwille van mijn naam.’
17 Ananias vertrok en ging naar het huis, waar hij Saulus de handen oplegde, terwijl hij zei: ‘Saul, broeder, ik ben gezonden door de Heer, door Jezus, die aan u verschenen is op de weg hierheen, om ervoor te zorgen dat u weer kunt zien en vervuld wordt van de heilige Geest.’
18 Meteen was het alsof er schellen van Saulus’ ogen vielen; hij kon weer zien, stond op en liet zich dopen,
19 en nadat hij gegeten had, kwam hij weer op krachten.
Hij bleef enkele dagen bij de leerlingen in Damascus
20 en ging onmiddellijk in de synagogen verkondigen dat Jezus de Zoon van God is.
21 Allen die hem hoorden waren stomverbaasd en vroegen: ‘Dat is toch de man die in Jeruzalem de volgelingen van die Jezus naar het leven stond, en hij is toch hierheen gekomen om hen gevangen te nemen en uit te leveren aan de hogepriesters?’
22 Saulus’ optreden werd echter steeds krachtiger, en hij bracht de in Damascus wonende Joden in verwarring door aan te tonen dat Jezus de messias is.'

Saulus van Tarsus, die later zijn naam veranderde in Paulus, was een Farizeeër en een fanatieke christenvervolger in de periode die volgde op de verrijzenis van Jezus.

We vernemen voor het eerst iets over hem bij de terechtstelling van de Heilige Stefanus, waar hij instemde met diens executie en de mantels van Stefanus' beulen bewaakte.

Op weg naar Damascus werd Saulus echter getroffen door een donderslag bij heldere hemel en viel ter aarde. Hij werd verblind door een helder licht en verloor terstond zijn gezichtsvermogen.
Toen verscheen Christus aan hem en zei:
'Saul, Saul, waarom vervolg je mij?'.

Ananias, een christelijke weldoener uit Damascus, overwon zijn afkeer en nam Saulus in huis.

Hij herstelde zijn gezichtsvermogen en doopte Saulus, die de doopnaam Paulus ontving. Vanaf dan werd hij de vurigste verkondiger van Christus' leer.

Het feest van de bekering van de Heilige Paulus werd al in de zesde eeuw gevierd.

Volksgebruiken

Een oude volkswijsheid zegt:

Met Sint-Paulus bekering legt de ekster haar eerste stek,
dan wacht ze tot half mei en legt haar eerste ei

Omdat de winter nu toch al halfweg was, bekeken de boeren op Sint-Paulus bekering ook hoever het stond met de wintervoorraad. Vaak raakte die rond deze periode uitgeput en was de hoop op beter weer meer dan welkom.

Op 25 januari vinden we ook nog enkele overgeleverde en merkwaardige volksgebruiken terug:

Sint Paulus werd vroeger gestraft als hij niet voor goed weer zorgde.
In de omgeving van het Nederlandse Tilburg plaatste men op de avond van 25 januari een strooien pop bij de haard, die Paulus verbeeldde.

Moeder de vrouw bakte 's avonds pannenkoeken en wanneer het weer goed was op Paulusdag, dan was één pannenkoek voor hem.
Die werd dan gewoon bovenop het hoofd van de strooien pop gelegd.

Was het weer echter slecht, dan werd de strooien pop zonder pardon het vuur in gegooid!

Weerspreuk

Op Sint Paulus' bekering stijgt de winter te paard,
of hij breekt zijn nek met ’n reuzenvaart

Sint-Paulus bekering werd vroeger beschouwd als een belangrijke dag in de natuur.
Onze voorouders interpreteerden 'bekering' als het 'keren' of 'omkeren' van het weer.

Vanaf de bekering van Sint-Paulus wordt er bij de dieren, in het bijzonder bij de vogels, aanstalten gemaakt met het oog op nieuw leven.