Skriebels

Oude Wijsheden voor een Nieuwe Tijd - Zoeken

Zalige Christina de Wonderbare van Sint-Truiden - 24 juli

Zalige Christina de Wonderbare van Sint-Truiden

(° 1150 - † 1224)
Mystica
Patrones van de zondaars

Eén van de meest opvallende heiligen van de heiligenkalender is Christina, bijgenaamd 'de Wonderbaarlijke' of 'Mirabilis', van Sint-Truiden. Die bijnaam is zeker niet overdreven en haar historie is op z'n minst bizar te noemen.

Christina werd omstreeks 1150 geboren in Brustem, nabij Sint-Truiden. Christina was vijftien toen ze wees werd en achterbleef met haar twee oudere zussen. Ze leefde als herderin om in haar levensonderhoud te voorzien. Een in 1182 gekregen visioen van het hiernamaals veranderde Christina voorgoed. Toch deed tijdens haar leven  niets vermoeden dat zij in de heiligenschare zou worden opgenomen. Tot Christina op haar 32ste stierf.

Middenin haar uitvaartmis vloog plotseling het deksel van de kist, waarna de dode Christina door het schip van de kerk zweefde, goed tien meter hoog. Uiteindelijk bleef ze helemaal bovenaan in de nok hangen. Uiteindelijk keerde ze met haar zusters naar huis terug.

Bevende gelovigen verketterden Christina als heks en gooiden haar in een kerker. Zij kon echter ontsnappen en zwierf door de uitgestrekte bossen rond Sint-Truiden. Negen weken lang bestond haar enige voedsel uit de melk die uit haar maagdelijke borsten vloeide.

Soldeniers kregen Christina te pakken. De Sint-Truidense vluchtte opnieuw. Om aan haar achtervolgers te ontsnappen, liep ze over het water van de snelstromende Maas, net zoals Christus ooit deed op het meer van Galilea.

Het mocht niet baten: ze werd opnieuw gearresteerd en belandde in het Benedictinessenklooster van Sint-Truiden. Zij leefde er als semi-religieuze en boetelinge en deed er de merkwaardigste dingen.

De vrouw stak haar eigen lichaamsdelen in een oven, krijste van de pijn, maar bleef gezond en wel. In de winter stond ze zes dagen tot haar hoofd in het bevroren Maaswater. Telkens als ze voorbij een galgenveld kwam, hing Christina zichzelf voor een dag of drie tussen de veroordeelden.

Dit merkwaardige gedrag vond echter zijn oorsprong in het visioen dat Christina in 1182 had: zij doorleefde dezelfde pijnen en beproevingen als de zielen in het vagevuur, op die manier kon zij als voorspreekster voor hen optreden. Dit was haar roeping.

Uiteindelijk werd het ook voor de Benedictinessen teveel: Christina belandde in een gekkenhuis. De overlevering wil dat ze zichzelf in een vogel veranderde en weg vloog. Gedurende de daarop volgende negen jaar woonde ze bij een kluizenaar midden in de Luikse wouden.

Zelfs toen Christina in 1224 een tweede maal stierf, wilde een zuster - Beatrijs genaamd - haar nog enkele vragen stellen. Zonder dralen stond Christina opnieuw recht en stierf daarna pas voorgoed.

Zoveel wonderen konden de middeleeuwse kerkleiders niet negeren; Christina heette voortaan 'zalig'.

De Zalige Christina de Wonderbare van Sint-Truiden is de patrones van de zondaars en wordt aangeroepen tegen infecties en veeziekten; in wanhopige situaties en voor het bekomen van een voorspoedige dood.

Afbeelding: Christina de Wonderbare afgebeeld als een engel door George Baltus, 1914. De tekst rondom het schilderij vermeldt: 'Van pest, hongersnood en oorlog, verlos ons Heer - Heilige Christina spreek voor onze gemeenschap ten beste'.

Weerspreuk

Op Sint-Christine,
haalt men de tarwe in