Skriebels

Oude Wijsheden voor een Nieuwe Tijd - Zoeken

Heilige Antonius - 17 januari

Heilige Antonius de Grote

(° 251 - † 356)
Woestijnvader - Vader van het monastieke leven
Patroon van de slagers en pachters

Antonius, bijgenaamd Antonius de Grote of Antonius van Egypte, was afkomstig uit Midden-Egypte, waar hij omstreeks het jaar 251 geboren werd. Zijn ouders waren vermogende, gerespecteerde burgers.

Al vroeg werd hij aangetrokken door de woestijn, waar vrome kluizenaars in afzondering in rotsholen leefden om te ontkomen aan de Romeinse christenvervolgingen.

Op een dag hoorde de Heilige Antonius het evangelieverhaal van de rijke jongeling. Daarop verkocht hij zijn aanzienlijke erfdeel en gaf daarvan aan de armen.

Hij sloot zich aan bij de monniken die aan de rand van de Libische woestijn leefden. Daar leidde hij ruim twintig jaar lang een ascetisch bestaan, waarin hij alle verlangens en gevoelens van begeerte en hoogmoed leerde overwinnen.

Gaandeweg sloten steeds meer monniken zich bij hem aan. In Alexandrië trotseerde hij de Romeinse vervolgingen door openlijk te preken en de keizers van tirannie te beschuldigen. Hij steunde vervolgde christenen en weerlegde het arianisme.

Op de berg Colzim vond hij een beschutte plaats en stichtte er een klooster, waarvan hij de eerste abt werd. De 'Antoniusberg' raakte al gauw druk bevolkt met zijn volgelingen en vormde zo één van de eerste monastieke gemeenschappen van het christendom.

De Heilige Antonius was eveneens de allereerste abt die het monastieke leefpatroon gestalte gaf. Macarius van Alexandrië en Macarius de Oudere waren beiden leerlingen van de Heilige Antonius de Grote.

Op het einde van zijn leven zocht hij de kluizenaar Paulus van Thebe op in de woestijn om zich met hem te onderhouden. Na zijn bezoek aan de Heilige Paulus keerde de Heilige Antonius terug naar zijn klooster waar hij tot aan zijn dood op 105 jarige leeftijd bleef.

De Heilige Antonius wordt vaak afgebeeld in een kluizenaarskleed met een T-vormige staf, een bel en een varken. Hij wordt aangeroepen tegen de pest, bij veeziekten en tegen het zogeheten 'Sint Antoniusvuur' of ergotisme, een ziekte die veroorzaakt wordt door het nuttigen van Moederkoren.

De bijnaam 'Antonius met het varken' ontstond in de Middeleeuwen. De Antonieten - leden van de naar hem vernoemde verpleegorde - mochten hun varkens vrij laten rondlopen als vergoeding voor de verpleging die zij verstrekten. Op 17 januari werden deze varkens geslacht en het vlees verdeeld onder de armen.

Het Antoniuskruis of 'Tau-kruis' is een onderscheidingsteken van de Orde van Sint Antonius. Het is een kruis in de vorm van een 'T' met daaraan een zg. Antoniusklokje. Het wordt om de hals gedragen aan een koord of keten.

Deze bel is een verwijzing naar de bel die de pest- en lepralijders (die door de Antonieten werden verpleegd) bij zich moesten dragen en laten klinken om voor hun (besmettelijke) aanwezigheid te waarschuwen.

Volksgebruiken

Op het naamfeest van Sint Antonius met z'n varken heeft in Vlaanderen traditioneel, in iedere parochie die aan hem gewijd is, de verkoop van varkenskoppen plaats.

Nadat 's morgens de relikwie van de heilige is vereerd, worden na de mis aan het kerkportaal de varkenskoppen per opbod verkocht.

De Heilige Antonius de Grote is de patroon van de slagers en werd vooral ter hulp geroepen als er een ziekte onder de varkens was.

Maar hij was ook de geneesheilige die men aanriep wanneer men werd getroffen door het zogenaamde 'Sint Antoniusvuur' of 'kriebelziekte', een kwalijke ziekte die werd veroorzaakt door een giftig bestanddeel in het graan (Moederkoren).

De ziekte leidde meestal tot de dood, tenzij men (volgens de volksgeneeskunde) wijn dronk waarin de botten van Sint Antonius hadden gelegen!

Weerspreuk

Sint-Antonius klaar en helder,
vult het vat en ook de kelder