Skriebels

Oude Wijsheden voor een Nieuwe Tijd - Zoeken

Kerstmis

Voorgeschiedenis van het kerstfeest

Kerstmis

De Romeinen vierden op 25 december het feest van Sol Invictus - de onoverwinnelijke zon. Daarbij versierden ze hun huizen met takken en planten.

De Germanen vierden omstreeks die tijd van het jaar het winterzonnewende- of joelfeest, dat gepaard ging met dansen, muziek en offers om ervoor te zorgen dat de zon niet tot stilstand kwam.

De eerste joelnacht (de nacht van 24 op 25 december) werd door onze voorouders Moedernacht genoemd, en zij geloofden dat uit deze nacht het jaar opnieuw geboren werd.

Met de komst van het christendom werden al deze heidense gebruiken gekerstend. Toch bleef de zon nog lang het centrale punt in de feesten van onze voorouders, in zoverre zelfs dat Kerkvader Augustinus het volk verordende dat men op Kerstmis niet langer de zon mocht eren maar wel het Christuskind.

Een zeer oud bijgeloof leert ons dat tijdens de kerstnacht de goden en de zielen der gestorvenen over de aarde zouden ronddwalen in de gedaante van een dier.

Vandaar waarschijnlijk het even hardnekkige bijgeloof dat de dieren zouden kunnen spreken in de kerstnacht.

In verschillende tradities spreekt men over de Twaalf Heilige Nachten, de periode van de zonsondergang van Kerstmis tot en met de zonsopgang van Driekoningen; een periode van rust en bezinning wanneer de aarde alle levenskrachten in zichzelf heeft teruggetrokken.

Ook bij onze Germaanse voorouders lag het leven gedurende die twaalf dagen en nachten stil. De overlevering wil namelijk dat Vrouw Holle tijdens die periode haar ronde deed. Alle spinnewielen moesten dan stilstaan, want als de zon stilstond mocht er niets draaien.

Wanneer dit toch gebeurde, geloofde men dat dat ongeluk bracht want niet alleen goede, maar ook kwade machten hadden vrij spel. Het was voor het gewone volk een tijd die iets angstigs had, waarschijnlijk zowel in de voorchristelijke tijd als in de eeuwen na Christus.

Het klokluiden, midwinterhoornblazen en het lawaai maken in de oudejaarsnacht hebben hiermee te maken.

In onze tijd kan je deze periode benutten om ook even stil te staan en terug te blikken op het voorbije jaar, om daarna opnieuw innerlijke kracht te verzamelen voor het jaar dat komen gaat.

Hoogfeest van Kerstmis - Geboorte van de Heer

De dag waarop Jezus geboren werd, is niet precies bekend. De evangelies geven daarover geen uitsluitsel.

Het evangelie volgens Lucas vermeldt enkel dat Maria 'haar eerste zoon baarde en hem in windsels wikkelde en hem in een kribbe legde, omdat zij in de naburige herbergen geen onderdak vonden' (Lc 2, 6-7).

Sinds de vierde eeuw vieren de christenen Kerstmis. De Rooms-katholieke Kerk koos voor 25 december, de Oosterse Kerken vieren vooral 6 januari.

Op 25 december werd oorspronkelijk in het hele gebied rond de Middellandse Zee de geboortedag van de onoverwinnelijke zonnegod Mithras gevierd, terwijl in onze contreien de Germanen de winterzonnewende vierden. Door de geboorte van Christus op 25 december vast te stellen viert de Kerk daarmee Christus als de ware zon en 'het Licht van de wereld' en verdreef zo de heidense zonnecultus.

Het woord 'Kerstmis' betekent in feite 'Christus-mis', omdat we in de kerstnacht, in de Heilige Mis de geboorte van Jezus Christus vieren. Er is geen nacht zo heilig als deze, waarin God in Jezus Christus mens werd.

De geboorte van Jezus - het evangelie volgens Lucas

Hoofdstuk 2 (1 - 21)
1 In die tijd kondigde keizer Augustus een decreet af dat alle inwoners van het rijk zich moesten laten inschrijven.
2 Deze eerste volkstelling vond plaats tijdens het bewind van Quirinius over Syrië.
3 Iedereen ging op weg om zich te laten inschrijven, ieder naar de plaats waar hij vandaan kwam.
4 Jozef ging van de stad Nazaret in Galilea naar Judea, naar de stad van David die Betlehem heet, aangezien hij van David afstamde,
5 om zich te laten inschrijven samen met Maria, zijn aanstaande vrouw, die zwanger was. 6 Terwijl ze daar waren, brak de dag van haar bevalling aan,
7 en ze bracht een zoon ter wereld, haar eerstgeborene. Ze wikkelde hem in een doek en legde hem in een voederbak, omdat er voor hen geen plaats was in het nachtverblijf van de stad.
8 Niet ver daarvandaan brachten herders de nacht door in het veld, ze hielden de wacht bij hun kudde.
9 Opeens stond er een engel van de Heer bij hen en werden ze omgeven door het stralende licht van de Heer, zodat ze hevig schrokken.
10 De engel zei tegen hen: ‘Wees niet bang, want ik kom jullie goed nieuws brengen, dat het hele volk met grote vreugde zal vervullen:
11 vandaag is in de stad van David jullie redder geboren. Hij is de messias, de Heer.
12 Dit zal voor jullie het teken zijn: jullie zullen een pasgeboren kind vinden dat in een doek gewikkeld in een voederbak ligt.’
13 En plotseling voegde zich bij de engel een groot hemels leger dat God prees met de woorden:
14 ‘Eer aan God in de hoogste hemel en vrede op aarde voor alle mensen die hij liefheeft.’
15 Toen de engelen waren teruggegaan naar de hemel, zeiden de herders tegen elkaar: ‘Laten we naar Betlehem gaan om met eigen ogen te zien wat er gebeurd is en wat de Heer ons bekend heeft gemaakt.’
16 Ze gingen meteen op weg, en troffen Maria aan en Jozef en het kind dat in de voederbak lag.
17 Toen ze het kind zagen, vertelden ze wat hun over dat kind was gezegd.
18 Allen die het hoorden stonden verbaasd over wat de herders tegen hen zeiden,
19 maar Maria bewaarde al deze woorden in haar hart en bleef erover nadenken.
20 De herders gingen terug, terwijl ze God loofden en prezen om alles wat ze gehoord en gezien hadden, precies zoals het hun was gezegd.
21 Toen er acht dagen verstreken waren en hij besneden zou worden, kreeg hij de naam Jezus, die de engel had genoemd nog voordat hij in de schoot van zijn moeder was ontvangen.

Zie ook: Heiligenkalender - 25 december